Recensie Vlaardigingen, van
www.winterwarmte.web-log.nl
3 juni laatste middag seizoen.
Omdat ik glad
vergeten was de aankondiging te posten (sorry!) schreef ik
maar een verslagje.
3 juni laatste middag seizoen.

Poëzie in De Steeg in De
Waal. (Met Dansende Dichters en Philip Hoorne)
Wegens verbouwing van thuisbasis café De Steeg aan de
Vlaardingse Hoogstraat werd de middag georganiseerd in café
De Waal in de gelijknamige Waalstraat, een bijna drie maal
zo ruime locatie op een dichtbundelworp afstand.
Met nog geen 15 bezoekers was
het geen drukbezochte afsluiter van het seizoen te noemen.
De dichters lieten zich echter niet door zulks uit hun
element brengen.
Dansende Dichters Ewout Eggink en David Rous toonden
zich zowel frivole dansers als gedegen zangers en
muzikanten. Hun voorstelling “Anatomische liedjes” hebben ze
voor deze middag in drie blokjes geknipt. Mooie liedjes met
scherpe kantjes wisselden zij af met vreemde dansjes en
enkele uit het hoofd gedeclameerde dichtsels.
Tweestemmig zongen zij over
het meisje
met de mooie, lange benen en een obsessie voor gladheid: “ze
denkt niet aan de pijn of aan de irritatie, ze denkt niet
aan de jeuk, ze gaat voor de sensatie. Ze juicht het uit
voor eenieder die ‘t wil horen. Ik ben de mooiste vrouw, van
kruin tot kruis geschoren.”
Helden op sokken en dwaze kluizenaars bevolken de liedjes
van het tweetal: “Zwevend door zijn geest, in deze cel is
hij nog nooit geweest. Alles onderbewust, niet geslapen en
niet uitgerust. Slapeloosloosheid, hij is zijn slaap kwijt,
het raadsel van het brein, het raadsel van het brein..”
(uit: Raadsel) Zij zongen het mooie “Melancholie + Angst”
over de kinderen van deze tijd: “We hebben niets te doen,
we hebben niets om handen, we hebben niets om voor te
vechten, want anderen vechten wel voor ons..” Misschien
een beetje cliché, maar dan ook vreselijk waar!
Philip Hoorne vertelde
over zijn treinreis en de lichte paniek die hem overviel
toen bleek dat zijn grote Belgische ‘billet’ niet in het
Hollandse controlepoortje bleek te passen. Gelukkig kreeg
hij hulp van zijn medepassagiers!
Uit verschillende bundels las de innemende Vlaming zijn werk
voor. Zoals “Niemand thuis en het eten is klaar!” waarin hij
plots in een vreemde keuken staat, waar een ovenschotel
staat te verpieteren en een pannendeksel zich te pletter
danst, maar niemand zich bekommert om deze “schijnbaar
ongecontroleerde culinaire activiteit”, deze schepping
zonder schepper.
De dichter heeft een
bijzondere verhouding tot zijn wereld, waarin hij conventies
sluit met de vliegen en muggen die zijn huis mede bevolken.
“Ze zoemen mij een nazi die streeft naar de totale
uitroeiing van hun soort.” (Mijn kleine holocaust)
Hoorne noemt zich de eerste Vlaamse neo-primitief als hij
een levende ezel een doek tegen de flank spijkert en diens
drek gebruikt en op dat doek een “niet onaardig bruin motief
wrijft.” (uit: Ik wilde iets maken met mijn handen)
De Dichters dansten en Hoorne hekelde het heelal en zette
schepper en bewoners in hun hemd. Wie niet één van die
twaalf bezoekers was (tijdens het derde blokje waren het er
wat meer, hoor), heeft een leuke, verfrissende en poëtische
middag gemist!
De eerste zondag van
september start het nieuwe seizoen, waar in ieder geval
Freek Lomme zijn nieuwe bundel “het streven naar
lineairiteit” komt promoten.
Groeten uit Vlaardingen!!
Sander Groen.